Brain los.png

'DE VEERKRACHT VAN VOGELS'
Karl Karlas en Anna Heerdink

Mensen zijn ultieme omgeving ingenieurs, waardoor dieren in de stad zich moeten aanpassen aan de nieuwe leefomgeving. Hoe passen vogels zich aan aan leven in de stad? En waar kunnen ze zich niet aan aanpassen? Denk hierbij aan bijvoorbeeld raamslachtoffers, 50% van de vogels die tegen een raam aan botsen overleeft het niet. Werken de alom bekende zwaluw ‘decal’ stickers wel? Welke vogelsoorten doen het goed in de stad? Waar komt dit door? Op welke manieren beïnvloed de stad de evolutie?

IN HET KORT

Anna en Karl.png

MEER LEZEN OVER DIT PROJECT?
SCROLL NAAR BENEDEN.

Verenverzamelen.jpg

SPEEL MIJ AF

'vogelgeluiden'

1. Vogelgeluid

'veren'

Verenverzamelen.jpg

SPEEL MIJ AF

2. Veren

'(dode) vogelspotten'

Verenverzamelen.jpg

SPEEL MIJ AF

3. (Dode) Vogelspotten

OVER HET KUNSTWERK

DETERMINEREN VAN VEREN

1. Grote mantelmeeuw (Larus marinus) 
2. Halsbandparkiet (Psittacula krameri)
3. Roek (Corvus frugilegus)
4. Boeregans (Anser anser domesticus)
5. Stadsduif (Columba livia domestica)
6. Kauw (Corvus monedula)

“Het lijkt wel alsof je van alle straat-veren weer een heel dier hebt geprobeerd te maken. Een soort alternatieve preparatie/taxidermie.” “Ja, nou, nu je het zegt, inderdaad!”

Is een mens trouwens niet ook gewoon een dier? Of is een mens meer dan een dier? De meeste mensen zijn wel vreemde vogels. Of zijn vogels gewoon vreemde mensen?

 

Door de sculpturen ‘Vreemde vogel no.1’ en ‘Vreemde vogel no.2’ (2021) kunnen mens en vogel nu nog dichter tot elkaar komen. Het is een ervaring waarbij contemplatie en bezinning centraal staan.

Verdienen vogels in de stad niet meer respect en waardering? Enerzijds de kunst, de schoonheid van de veren en vleugels; het design, de vorm, de kleuren en patronen.

 

Anderzijds de fysieke eigenschappen vanuit het wetenschappelijk perspectief; de werking van vleugels, hoe het in elkaar zit en hoe licht het materiaal is. Maar ook het vermogen van vogels om zichzelf aan te passen aan het leven met ons in de stad.

 

Zowel de schoonheid als de treurigheid van het lot van veel vogels vind je terug in de vorm van de sculpturen: de dynamiek van het vallen waarbij de veren als een badminton shuttle omhoog wijzen, maar toch ook wel weer op een natuurlijke wijze gearrangeerd zijn. Daarnaast is er de toevallige, onbedoelde overeenkomst met de vorm en de kleur van de stad. Het grijs, zwart en wit net als de gebouwen. Waren duiven soms stiekem voorbereid op de stad?
 

OVER HET ONDERZOEK

Het onderzoek begon vanuit een gemeenschappelijke interesse voor het natuurlijke versus het artificiële. Tijdens een stadswandeling vonden we veel veren en vroegen ons af, hoe gaat het nu eigenlijk met de vogels in de stad?

We zijn dode vogels in de stad gaan documenteren en veren gaan verzamelen.

We deden desk research naar verlies van veren bij vogels en onderzochten verschillende doodsoorzaken van vogels in de stad.

Een belangrijke bron van informatie was het vogelasiel regio Leiden die ons data gaf over de aantallen/soorten vogels die omkomen.

Brain los.png

Karl Karlas (1991) haalt inspiratie uit het verlopen van tijd. Hen is gefascineerd hoe dit zowel bij mens als natuur verandering teweegbrengt.

De focus ligt hierbij op sporen die worden achtergelaten. Soms zijn dit sporen die pas na vele jaren zichtbaar worden of juist weer zullen verdwijnen. Een pad in het bos wat na verloop van tijd weer dicht groeit, maar ook een vuilcontainer gevuld met restanten van de sloop van een woning. Of ‘gewoon’ verpakkingsmateriaal dat een interessante vorm of structuur heeft. Gewoon is voor Karl niet gewoon. Overal schuilt schoonheid in.

Het werk bestaat uit een combinatie van gebruikte materialen en objecten. Sommige toevallig gevonden, andere bewust verzameld.

  • Instagram

Meer over Karl?

Veelal materiaal dat door de meesten mensen als afval beschouwd wordt. Niet altijd zijn deze direct herkenbaar omdat ze op een ongebruikelijke manier worden toegepast. Dit effect wordt soms versterkt door het toevoegen van lagen gips, latex en/of epoxy.

Karlas werkt intuïtief en laat zich verrassen door de combinaties en associaties die hierbij ontstaan. Hen gaat uit van hun eigen verbeelding en zoekt naar esthetiek in het alledaagse. Het werk roept vragen op over de grens tussen het organische en het artificiële door deze met elkaar te verbinden. Zoals planten die in de stad tussen de tegels en bebouwing groeien. De sculpturen en installaties die hierdoor ontstaan houden het midden tussen realiteit en surrealiteit.

OVER DE MAKER
Karl Karlas (1991)